|
door Bas den Hond , Dagblad Trouw, zaterdag 4
september 1999
Geen
zwaarder werk dan zittend werk. Goed zitten is een kunst, zegt Harrie
Staarink. In zijn boek 'De kunst van het zitten' (Aramith, f 29,90) brengt
hij de lezer de kneepjes bij.
De
stoeltjes in klas 2 van de lagere school, aan het begin van de dag: ,,Rug
tegen de leuning, zes poten op de grond, armen achter je rug!'' ,,Ja, het
werd je wel geleerd om rechtop te zitten, om geen bolle rug te maken. Maar
het werd niet verkláárd. Mensen weten weinig van zitten af. Ze weten 'dit
is prettig' en 'dit is onprettig', maar hoe je het kunt verbeteren, dat
weet bijna niemand.''
,,Ik
heb bij de Gemeenschappelijke Medische Dienst gewerkt, totdat
viereneenhalf
jaar geleden de taken daarvan naar de gemeenten werden overgedaan. Je
speelde daar Consumentenbondje: kijken welke hulpmidelen goed waren en
welke niet. Ik moest vooral kijken naar rolstoelen. Wanneer zit iemand
goed en wanneer zit iemand slecht? In eerste instantie haalde ik daarbij
informatie uit de gezonde wereld en die gebruikte ik voor de gehandicapten.
Nu begin ik veeleer in die gehandicaptenwereld en haal daar dingen
voor de gezonden.''
,,Een
spasticus is bijvoorbeeld een heel goede proefpersoon voor een stoel of
rolstoel. Die kun je in een zodanige zithouding laten zitten dat zijn
spasticiteit vermindert. Het lichaam wordt dan zo min mogelijk geprikkeld
doordat het oncomfortabel zit. Die kennis gebruik je dan om iemand te
laten zitten die dat discomfort niet voelt, een laesiepatiënt, die geen
signalen krijgt, waardoor je kunt gaan doorzitten.''
,,Ik
ben afgestudeerd op een universeel rolstoelsysteem. Daarbij ben ik Ton
Tournier tegengekomen, een fysiotherapeut en nu een vriend. Jarenlang
discussiëren we al. Ik ben vooral gericht op produkten, hij zit aan
lijven. Met als resultaat dat we nu een idee voor rugondersteuning hebben,
waarover we met een rolstoelfabrikant in onderhandeling zijn. Ik kan er
nog niet veel over vertellen, maar het
is het ei van Columbus: een manier om een rolstoel of een autostoel zo te
maken dat je heel veel verstelmogelijkheden. En dat de volgorde waarin je
dat doet heel logisch is: als ik het één keer voordoe, kun je het.''
De
bank in zijn woonkamer. Slanke, stevige zitting en rugleuning, een rail
waarlangs de armleuningen verschuiven zodat de bank opeens een fauteuil
wordt, of een ligmeubel met kniesteun.
,,Ik
heb hem zelf ontworpen. Maar het is niet een goede cocooning-bank, je kunt
je er niet lekker in nestelen. Dat is wel lastig te maken, als je wilt dat
hij ook goed zit.''
,,Als
mensen een stoel of bank kopen hebben ze ook andere prioriteiten: Het
materiaal, de kleur . . . En neem de eetkamerstoelen in huis, hoe lang zit
je daarop, een uur, anderhalf uur als je gasten hebt, voor die tijdsduur
past je lichaam zich wel aan aan de stoel. Maar na anderhalf uur statische
belasting komt het discomfort opzetten, het protest van het lichaam.'' De
stoel van de auto waarin je in een dag naar Bretagne reed. Als Veilig
Verkeer niet riep dat je er na twee uur even uit moest, dan deed je het
niet.
,,Tv
kijken doe je eigenlijk het beste vanuit een autostoel: de rug goed
gesteund, in evenwicht, het hoofd rechtop. Die stand is ideaal: je hoofd
houdt bij wat de stand is van het lichaam in de ruimte, waar al je
ledematen zijn. Jij weet op dit moment waar je grote teen is. Maar het
hoofd moet weten hoe het zelf in de ruimte staat: die sensoren worden als
het ware gereset worden en dat gebeurt als je naar de horizon kijkt.''
De
slappe plastic stoeltjes in zijn tuin in De Klem, bij Strijen, waarvan de
rugleuning meteen uitzakt maar waarin je heel best een uurtje kunt kletsen
en schrijven en waarin je voorturend honderdtachtig graden aan horizon tot
je beschikking hebt.
,,Neem
het roeien. Dat lijkt ruw, maar in wezen maak je daar een heel
fijnmotorische beweging, en je ziet dat roeiers hun hoofd heel stil
horizontaal houden. En een gewichtheffer kijkt ook strak naar de horizon.
Je zou bijna het advies willen geven in een kantoortuin overal een
kunstmatige horizon te schilderen. Al die mensen gaan dan vanzelf beter
zitten. Of ze ook beter gaan werken weet ik niet. Maar het lijkt me
waarschijnlijk.''
De
nieuwe bureaustoelen bij ons op de krant, met een zitting die je kunt
uitschuiven en kantelen, en briefjes erop: Van mij, niet verstellen!
,,Die
naar voren hellende zittingen zijn gebaseerd op buitenlands onderzoek: dat
zou een gunstige invloed hebben op de stand van het bekken, en dus van de
wervelkolom: als je naar voren helt, komen je lendenen in die natuurlijke
stand te staan. Maar uit onderzoek van de Erasmusuniversiteit kwam daar
toch geen significante verbetering uit.''
,,Waar
ik wel voorstander van ben: een kantoorstoel op vier poten in plaats van
vijf met wieltjes. Daar kun je nog eens op wippen, en je kunt je er op
allerlei manieren op schrap zetten. Op een draaistoel heeft elke beweging
het gevolg dat de zitting draait, en daar moet het hoofd weer op reageren.
Dat is hartstikke onrustig. Dat een stoel moet kunnen draaien heeft ook
nooit
ergens in een programma van eisen gestaan. Ik denk dat het zo is gegaan:
de stoel moest in hoogte verstelbaar zijn. Dat ging het gemakkelijkst met
een gasveer. Dus was'ie vanzelf draaibaar. Het zou juist een extra
inspanning gevergd hebben om hem níet draaibaar te maken! En het was in
het begin natuurlijk ook wel sjiek.''
,,Net
als zo'n directiestoel waarin je achterover kunt leunen. Wat ook heel
onrustig zit, je gaat voortdurend wippen. Die stoelen maken je door hun
enorme rugleuning ook drie keer zo groot, dat is allemaal psychologie.''
De
rugpijn sinds het lezen van 'De kunst van het zitten', de spijt over die
ontelbare uren voor de buis onderuit op een waardeloze bank, de lage
rugbol, de spieren heerlijk ontspannen, de tussenwervelschijven op knappen.
,,Als
je nou op één ding wilt letten, dan zijn dat de lendenen: die moeten dus
zijn zoals wanneer je staat, maar hoe ze in werkelijkheid staan, dat heeft
altijd ook te maken met wat je aan het doen bent, waar je bovenlichaam is,
en hoe je stoel zit. Ik hel nu licht naar voren, in een actieve zitstand,
niet mijn stoel laat mijn rug nu die stand innemen - een stoel van niks
trouwens - maar mijn spieren. Dat maakt niet uit. Je wordt er alleen
maar moe van.''
copyright Trouw .
<terug>
|
|
|